

![]() | WAT HOUDT VERGEVING IN? |

We kennen allemaal wel dat nare gevoel binnen in ons, bijvoorbeeld wanneer we onredelijk of onvriendelijk reageren en mensen `links laten liggen'.
Als we om ons heen kijken maken we heel wat ruzies mee. In het klein (ruzies thuis) en in het groot (zoals het geharrewar in de politiek).
Mensen doen elkaar vaak verdriet, begrijpen elkaar niet en maken het elkaar dikwijls op allerlei manieren moeilijk.
Jezus zegt dat het probleem bij de mensen zélf ligt. De mensen doen liever hun eigen zin en willen maar een beetje of zelfs helemaal niet met God en met elkaar rekening houden. Zij willen in de eerste plaats goed voor zichzelf zorgen. Pas na het eigenbelang komt het belang van de ander. De meeste problemen in de wereld zijn het gevolg van deze egoïstische instelling.
Jezus wil hierin verandering brengen. Hij wil ons leren rekening met andere mensen te houden, waarbij we er aan mee willen werken dat allerlei dingen in onze omgeving gaan veranderen. En als we blij en dankbaar zijn voor Gods vergeving, leren we ook andere mensen te vergeven. Daarnaast wil God ons leren de moed op te brengen zelf om vergeving te vragen voor de dingen die niet goed waren.
Vergeving in het Oude en Nieuwe Testament
Toen God de mens naar Zijn beeld schiep, waren we niet zondig. Maar nadat Adam en Eva God ongehoorzaam werden en hun eigen wil boven die van God stelden, werd de volmaakte harmonie met God verstoord. En dat gold niet alleen het leven van de mensen. Ook in de natuur werkte dit door. Verdriet, onbegrip, disharmonie, angst, ziekte en dood deden hun intrede in de wereld.
In Genesis 5 lezen we dat de kinderen van Adam en Eva naar hun beeld ter wereld kwamen, dus óók zondig en beperkt. David spreekt hierover in Psalm 51: "Zie, in ongerechtigheid ben ik geboren, in zonde heeft mijn moeder mij ontvangen" en Paulus zegt in Romeinen 3:23 "Allen hebben gezondigd en derven (= missen) de heerlijkheid van God." We noemen dit wel de `erfzonde'.
Toch wil God met ons verder. Dat blijkt ook uit de geschiedenis van Adam en Eva. Als zij zich na hun ongehoorzaamheid voor God verstoppen, zoekt God hen op en roept: Waar zijn jullie? Als God Adam en Eva dan ziet en hen naar hun daad vraagt, geeft Adam Eva de schuld en Eva geeft op haar beurt de schuld weer aan de slang, aan de duivel. Omdat God heilig en rechtvaardig is kan Hij de zonde niet door de vingers zien. De straf waarvoor Hij de mens heeft gewaarschuwd, moet worden uitgevoerd. Ze moeten het paradijs verlaten en zullen eens sterven. Maar Hij blijft van de mensen houden. Hij stoot ze niet af maar geeft direct de belofte van een nieuw begin. Van verzoening en vernieuwing. Zijn liefde blijkt bijvoorbeeld uit de volgende drie handelingen:
1. Hij belooft dat er eens een Kind zal worden geboren, dat de macht van de duivel zal verbreken en dus de macht van het boze. Hij zal niet alleen hun Verlosser worden, maar de Verlosser van de héle mensheid. Op deze belofte mogen Adam en Eva en hun nageslacht hun vertrouwen stellen.
2. God stuurt hen weg uit het Paradijs omdat Hij niet wil dat ze als zondige mensen ook van `de boom des levens' eten waardoor ze eeuwig zouden leven. Dit zou immers betekenen dat ze dan altijd zondig bleven en er geen verandering in hun situatie zou komen. Ze zouden dat eeuwig een gestoorde relatie met God ervaren. Dat wil God niet. Daarom beloofde Hij een oplossing, een mogelijkheid waardoor het contact met God kon worden hersteld.
Doordat Christus de zonde en de dood heeft overwonnen, kan Hij ons eeuwig leven geven zoals God het heeft bedoeld. Een leven in harmonie met God Zelf en met Zijn plan voor ons leven. Daarom hoeven we niet bang voor de dood te zijn. Ons lichaam kan dan wel sterven, maar onze geest blijft leven. Die gaat naar God, van wie wij een nieuw lichaam zullen ontvangen. Een lichaam dat niet meer zal vergaan.
In het laatste bijbelboek zegt God dan ook tegen ons: "Wie overwint, hem zal Ik geven te eten van de boom des levens, die in het Paradijs van God is" en "Zalig zij, die hun gewaden wassen (= zich laten reinigen), opdat zij recht mogen hebben op het geboomte des levens."
3. God maakte voor Adam en Eva de eerste kleren. Wèl moet Hij hiervoor een dier doden. Dit kun je misschien wel zien als het eerste teken van het grote Offer zoals dat later voor Adam en Eva en de hele mensheid gebracht zou worden: de dood van de Here Jezus Christus voor de zonden van de mensen. Lees Johannes 1:29 en Openbaring 5:9b,12-13.
In het Oude Testament (Testament betekent verbond over overeenkomst) lezen we over verschillende dierlijke offers die gelovige mensen aan God brachten. Bijvoorbeeld offers om hun dankbaarheid te tonen en offers om schuld te belijden en vergeving te ontvangen. De zonden tegenover God en medemensen, werden als het ware overgebracht op de offerdieren, die in de plaats van de mensen de straf voor die zonden op zich namen en door hun bloed bedekten. Natuurlijk waren de dierlijke offers niet volmaakt, maar ze werden door God aanvaard omdat ze een heenwijzing waren naar het volmaakte offer van Jezus Christus. Het oudtestamentische offer moest dan ook aan bepaalde voorwaarden voldoen vóór God dit kon aanvaarden. Ze moesten heenwijzen naar het volmaakte, zondeloze leven van Christus en Zijn dood aan het kruis. Om die reden moest een offerdier bijvoorbeeld van het mannelijk geslacht en gaaf zijn. Er mocht niets aan mankeren. En als een offerdier geslacht werd moest degene die offerde zijn hand op de kop van het dier van de leggen. Het onschuldige dier nam zo de straf over. Het was het teken van de straf die Jezus in onze plaats op Zich heeft genomen door aan het kruis te sterven. In 1 Johannes 1:7 staat: "Het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonden." Het verwijst naar de vergeving waar de dierlijke offers al van spraken. Het bloed van de offerdieren werd namelijk ná het slachten op het altaar gegoten. Paulus zegt dan ook in Efeziërs 1:7 "In Hem (Christus) hebben wij vergeving van de overtredingen, naar de rijkdom van zijn genade..."
Groot verschil
Een groot verschil tussen de dierlijke offers en het offer van Christus is dat de dierlijke offers bij herhaling moesten worden gebracht. Maar het offer van Jezus Christus was éénmalig. De dierlijke offers werden overbodig. Het doel daarvan is bereikt in de persoon van Jezus Christus. Door Zijn dood is Hij niet alleen voor het Joodse volk, maar voor de zonden van de gehele wereld gestorven. Tijdens Zijn laatste maaltijd met de discipelen (later Avondmaal genoemd) spreekt Jezus hier ook over. Als Hij de beker wijn aanreikt, zegt Hij: "Drinkt allen daaruit. Want dit is het bloed van Mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden." (Matteüs 26:28). De oudtestamentische omgang met God wordt 'het oude verbond' genoemd, en ons geloof in de verzoening van Christus `het nieuwe verbond', of het tweede verbond. Het oude verbond is opgenomen in het nieuwe verbond. Het is door Christus in vervulling gebracht. We mogen nu dagelijks vanuit Zijn vergeving en volheid leven. Net zoals de Joden in het Oude Testament in geloof hun hand op de kop van een offerdier legden, mogen wij in vertrouwen onze hand op deze belofte van God leggen en ons de vergeving toe-eigenen. Vrijmoedig en vol vertrouwen.
Nog enkele samenvattende gedachten:
Schuld erkennen en belijden
Het is belangrijk dat we onze schuld erkennen en dat we onze fouten en tekortkomingen belijden.
David is zich dit bijvoorbeeld bewust als hij in Psalm 51 zegt: "Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd, en gedaan wat kwaad is in Uw ogen." Hij wond er geen doekjes om. Ook kwam hij niet met allerlei verontschuldigingen, waarbij hij zich wilde verschuilen achter anderen en omstandigheden. Hij zei in Psalm 32: "Mijn zonde maakte ik U bekend, en mijn ongerechtigheid verheelde ik niet (= camoufleerde of verborg ik niet). Ik zeide: Ik zal de Here mijn overtredingen belijden, en Gij vergaaft (= vergaf) de schuld van mijn zonde."
Geloof dat God je in Christus vergeven heeft.
Denk eens na over de volgende woorden uit Micha 7:19: "Gij zult onze zonden werpen in de diepten der zee." Als God ze heeft weggeworpen, mogen wij ze ook achter ons laten. Het is verleden tijd! Misschien heb je de figuurlijke illustratie wel eens gehoord dat God bij dat water een bordje heeft geplaatst met daarop: "Verboden te vissen." God wil dat we onze zonden bij Hem brengen én bij Hem laten.
Leer van je fouten voor de toekomst
Als we elke dag met God willen leven, leren we veel. Zélfs van onze fouten. Ondanks vallen en opstaan kunnen we dan groeien in ons begrijpen van Gods wil en bedoeling voor ons leven. Wél is het belangrijk dat we er voor zorgen dat we al die dingen die verkeerd gingen direct aan God vertellen, het Hem belijden en 'schoon schip maken'.
Berouw of spijt hebben wil ook zeggen dat wij proberen de gevolgen van onze verkeerde daden recht te zetten.
Gebed:
Dank U wel voor het offer van Jezus Christus en voor Uw liefde die hieruit blijkt. Dank U wel dat U al mijn fouten en tekortkomingen wilt vergeven en dat ik met een gereinigd hart U mag volgen. Help mij dicht bij U te blijven.
Gespreksvragen:
1. Vergeving vragen is moeilijk. Waarom?
2. Ervaar ik blijdschap over de vergeving die mogelijk is geworden of twijfel ik soms dat het ook mij betreft?