![]() | David, de man naar Gods hartDrs. Wim Rietkerk |
David en Goliath: is er één verhaal in de Bijbel dat bekender is? Van jongs af aan wordt het aan onze kinderen verteld: hoe die kleine David de reus Goliath versloeg met een slinger en een steen. Dit verhaal is zo populair omdat het tot onze verbeelding spreekt. Want is de normale gang van zaken niet precies andersom?
In onze wereld wint de sterkste. Darwin heeft niet voor niets gezegd: “Ik zie maar één grondwet in de natuur: ‘the survival of the fittest’, de overleving van de sterkste.” De fitste, de sterkste, de slimste wint het in onze wereld. Maar in het verhaal van David en Goliath ligt het precies omgekeerd! Stel je voor dat het waar is dat uiteindelijk niet de sterkste wint. Zou dat kunnen? Dat niet de oudste, maar de jongste voorgaat? Zo spreekt dit verhaal van David en Goliath wel bij uitstek tot onze verbeelding. Geheiligde verbeeldingskracht is de kraamkamer van alle geloof.
Andere werkelijkheid
Inderdaad, de geschiedenis van David en Goliath betekent voor mij een andere werkelijkheid waarmee ik in het dagelijks leven niet reken, maar waar wel alles om draait.
1 Samuël 17 opent met een meesterlijke beschrijving van de feitelijke wereld van de Filistijnse overmacht. Twee legers liggen tegenover elkaar in het Terebintendal. Israël aan de ene kant en de Filistijnen aan de andere kant. Vóór de gelederen van de Filistijnen staat een kampvechter waar niemand tegenop kan. Een kampvechter die één meter langer is dan Saul, en die rees al ‘schouderen opwaarts’ boven het volk. Deze man heeft een wapentuig dat iedere soldaat doet verbleken. Een harnas van brons, geschubd, van tachtig kilo. Dan een helm van koper en een speer als een weversboom, zo sterk. De punt van die speer alleen al woog 600 sikkels, dat is 10 kilo. Die details mogen wij volgens de schrijver van het verhaal niet missen. Ze zeggen ons: hier kan niemand tegenop, deze man is angstaanjagend, zeker als hij ook nog zijn mond opendoet en Israël met zijn koning Saul voor schut zet, kleineert, vernedert om met name diens vertrouwen op God. Hij lacht hen uit en spot: waar blijft de man die vechten zal en waar is jullie God?
Onbesneden heidendom
Goliath staat hier als een representant, een vertegenwoordiger van velen. Hij is een van al degenen die in de rij passen van de torenbouwers van Babel met hun toren die moest reiken tot in de hemel tot het beest in Openbaring dat met almacht bekleed is en oprijst uit de volkerenzee. In die rij van het onbesneden heidendom past ook Goliath. Zo noemt David hem ook: ‘die onbesneden Filistijn’, alsof hij wil zeggen: die staat daar voor onversneden natuurlijke kracht. De Filistijnen aanbaden mannelijkheid, vruchtbaarheid, verwekking, kracht. Dat was hun godsdienst. Een beetje à la Darwins grondwet, maar dan zonder besnedenheid, zonder remming.
Als ik dan vanuit die oude wereld terugstap naar deze tijd, kunnen we zonder veel moeite meevoelen met de angst die overslaat naar de slagorden van Israël. Wat gebeurt er als die ongebroken mannelijke kracht naar boven komt, als ze niet meer beteugeld wordt door morele wetten en normen? Als ze niet meer gedragen wordt door beschaving en fundering in geboden? De Filistijnen glorieerden in de natuur: de mens in zijn onbesneden kracht. In onze tijd dreigen we eerder te gloriëren in de techniek, net zoals de torenbouwers van Babel. Bij beide proeven we de geest van ‘man, master of his own destiny’, de mens, meester over zijn eigen lot.
Als een herder
Dat is de taal die Goliath spreekt. Heel Israël wordt bang en kruipt in zijn schulp. Ze denken bij zichzelf: misschien heeft hij nog gelijk ook! In elk geval weten ze niet hoe ze tegengas kunnen geven. Dan komt David en ineens waait er in het verhaal een heel andere wind. Hij komt eraan, is onbevangen en geen moment geïmponeerd. Hij komt vanuit een heel andere verworteling en dat irriteert zijn broers. Misschien zit het hen nog dwars dat hij als jongste was uitgekozen om gezalfd te worden en dat zij gepasseerd waren. Eliab spreekt namens hen allen als hij heel venijnig en kleinerend tegen David zegt: “Zeg, bij wie heb je eigenlijk die paar schapen achtergelaten, wat dacht je hier te komen doen? Wie dacht je wel dat je bent?” Nu, daar dacht David helemaal niet aan. Hij dacht helemaal niet aan zichzelf, maar was alleen maar getroffen door die ontluistering van God. “Wie is toch deze onbesneden Filistijn dat hij de slagorde van onze levende God hoont?” Dat is typisch Davids terminologie: de levende God. Dat is niet de God die opgesloten zit in dogma’s of tradities. Nee, voor David is God de levende God.
Ik denk me zo in dat hij ’s ochtends de dag begonnen is met even op zijn lier een psalm te spelen. Tegen Saul zegt hij: “Ik ben een herder en als er een leeuw of een beer de kudde bedreigt, dan ga ik erheen en sla hem neer en dan red ik het lam uit zijn bek. Zou de levende God niet precies zo doen met ons als wij door zo’n roofdier besprongen worden?” Eigenlijk zijn we hier getuige van de geboorte van Psalm 23. Hij zegt: ik weet wat het is om herder te zijn en schapen te hoeden, er zelfs mijn leven voor in te zetten. Nu, de Here is mijn herder, Hij doet hetzelfde voor mij als wat ik voor mijn schapen doe. Dit is voor David volkomen vanzelfsprekend: Hij zal mij redden, Hij heeft me nog nooit beschaamd. In dat vertrouwen ga ik Goliath tegemoet.
Vijf kiezelstenen
Dan zien we daar David neerknielen bij de beekbedding. Het wordt heel gedetailleerd beschreven. Hij knielt bij de beekbedding tussen de twee dalen, zoekt zijn kiezelstenen, weegt af, kiest er vijf. Daar denken velen over na: vijf, de vijf boeken van Mozes, de Thora? Een mooie gedachte dat je met de vijf boeken van Mozes kunt vechten als een ware rechtvaardige. David doet vier stenen in zijn tas, één in z’n slinger en dan treedt hij met dat hart van hem de reus tegemoet. Zijn wapentuig is dat van een herder. Saul heeft eerst nog geprobeerd hem op zijn minst nog wat wapens aan te gespen: een koperen helm, een pantser en een zwaard. Maar David stikt erin, kan er niets mee. Hij gooit ze af en kiest het wapentuig van een herder. Een herder is hij, een herder blijft hij. Vechten oké, maar dan met het wapentuig van een herder, dat afgedwaalden pijnlijk treft, maar wel om ze bij de kudde terug te halen, en dat leeuw en beer verdrijft. Daarmee treedt hij de reus tegemoet. Goliath weet niet wat hem overkomt. Hij ziet daar ineens een in zijn ogen ongewapende herdersjongen op hem toetreden. Hij voelt zich beledigd en zegt: “Ben ik soms een hond dat je met een stok op me af komt? Pas maar op, straks zal ik je vlees aan de vogels voeren!”
Dan weet David genoeg. Hij zegt: “Jij treedt me tegemoet met een speer als een weversboom, maar ik heb maar één wapen en dat is in de Naam van de levende God! Hij zal duidelijk maken voor heel de wereld wie uiteindelijk de wereld regeert en dat Hij niet werkt door zwaard en speer, maar dat Hij vecht op zijn manier.” Plotseling zie je David vanuit die geknielde houding opspringen en hij rent de reus tegemoet. Ondertussen slingert hij ervaren zijn steen en treft Goliath precies op het enige onbeschermde stukje in het voorhoofd. De man slaat voorover zoals Dagon in de Richterentijd. Hij valt in zijn eigen zwaard, en met dat zwaard slaat David hem zijn hoofd af. Zo overwon David de Filistijn met een slinger en een steen.
Evangelie
Daar zit natuurlijk veel meer in dan je zo op het eerste gezicht zou zeggen. Het staat in de Schrift, het is een van de verhalen die God ons gegeven heeft, waar we het mee moeten doen als we zijn geheimen willen begrijpen. Natuurlijk, het is een wonderverhaal dat ons bemoedigt om vol te houden, maar er zit iets diepers in. Want hier hebben we een verhaal dat ons vertelt van de doorbraak van een andere werkelijkheid in die werkelijkheid van ons, die van Darwin en Goliath. Wie had dat verwacht? Saul niet, de broers van David niet, de soldaten niet, het volk niet en toch gebeurt het: God wint niet door zwaard of speer, maar door de onnozele middelen van een herdersjongen. Als ik dit zo zeg, dan begrijpt u hoe dit niet maar een voorbeeldgeschiedenis is, maar het Evangelie! Hier klinkt voor ons heel het Evangelie mee van wat God gedaan heeft. David is een voorafschaduwing van Jezus Christus. Staat er over hem in het Nieuwe Testament niet geschreven: de Zoon van David, ter wereld gekomen na 3 x 24 geslachten (zie Mattheüs 1)? Zo heeft God in Jezus de Herder gegeven die net als David de boze zelf te lijf ging en hem versloeg. Want hoe de Goliaths ook mogen heten, van Haman tot Hitler, achter het gelaat van hen allen grijnst het gelaat van de vijand van God die overal stookt, die de volkeren aanvuurt tot oorlog, mensen verleidt tot zonde, kerken verandert in gepleisterde graven. In het Grieks wordt hij de ‘diabolos’ genoemd, de splijtgeest, de uiteendrijver.
Sterk in de Here
Jezus is de boze tegemoet getreden. Waarmee? Zonder pantser, zonder koperen helm of zwaard. U weet, Petrus heeft op het laatste moment nog even geprobeerd hem een zwaard in handen te duwen. Maar Hij is de vijand te lijf gegaan door alleen de gestalte van een dienstknecht aan te nemen, door zich met ons te vereenzelvigen, door ons gelijk te worden tot aan de dood aan het kruis. Zo heeft Hij ons verlost. Zijn slinger was het kruis, het kiezelsteentje was net als bij David het restloos vertrouwen op God en de totale overgave aan hem.
David wint bij wijze van spreken door uit de dood terug te keren, want ze hadden hem al ten dode opgeschreven. Maar Jezus is echt uit de dood teruggekeerd, en heeft zo door het lijden aan het kruis en de kracht van de opstanding de boze overwonnen. ‘Ik zag de boze uit de hemel vallen’, staat in het boek Openbaring. Dat gebeurde toen Jezus aan het kruis is gestorven en is opgestaan uit de dood. Dat is dus het eigenlijke verhaal van David en Goliath. Jezus is de David die als de Herder van Israël de grote Goliath verslagen heeft en nu koning is van een nieuwe werkelijkheid.
De Here houdt ons voor: leef in de werkelijkheid van dát koninkrijk. Staar je niet blind op de werkelijkheid van de mens die zichzelf sterk maakt. Die mens heerst nog steeds en zit niet ver van u af trouwens. Hoe maak ik carrière, hoe blijf ik in het middelpunt van de aandacht, hoe kan ik het zo doen dat de mensen mij aardig blijven vinden, hoe kan ik de toekomst beheersen? Door David en zijn strijd met Goliath worden onze ogen opnieuw geopend voor die andere werkelijkheid. God heeft ons de geschiedenis van David gegeven om ons te helpen begrijpen wie Jezus is, want Hij is de vervulling van David. Wat David deed in het klein ten aanschouwen van een handjevol soldaten, dat heeft Jezus gedaan voor het oog van de hele wereld.
Daarom: houd stand in de aanvechting, wees sterk in de Heer in de sterkte van zijn macht, en doe de wapenrusting van God aan: omgord je lendenen met de waarheid, doe het pantser van de gerechtigheid aan, zet de helm op van de hoop en van het heil, houd het schild van het geloofsvertrouwen vast dat de brandende pijlen van de boze zal uitdoven, neem het zwaard van de Geest in je hand, dat is het Woord van God, en je zult sterk zijn in de Here, loop met de schoenen van de bereidvaardigheid van het Evangelie van de vrede, want daar zijn we voor. Zo gebruikt God ons in zijn strijd en zal Hij ons ook de overwinning laten zien!
Bijbelleessuggesties:
1 Samuël 17
Efeziërs 6:10-20
Johannes 16:33
Om over na te denken / gespreksvraag:
1. Heeft u ooit strijd gevoerd zonder de wapenen van de wereld,
met alleen de wapenrusting van God? Hoe is dat verlopen?
Bewerking: Drs. Marleen Hengelaar-Rookmaaker
Groei 2004-4
Auteur : Drs. Wim Rietkerk
Drs. Wim Rietkerk (1941) is getrouwd, vader van drie volwassen kinderen en opa van zes kleinkinderen. Sinds 1979 woont hij in Utrecht in een huis van L'abri. Dit is een jongeren woon-, studie- en leefgemeenschap. Het L’abriwerk werd in 1955 door dr. Francis Schaeffer opgerichte en het gaat daarbij om toerusting op het gebied van fundamentele levensvragen.
Wim Rietkerk is raadslid van de ChristenUnie in Utrecht en daarnaast is zijn voornaamste taak het leidinggeven aan het werk van L'abri in Nederland en daarbuiten. Er zijn L'abri-centra in 8 landen.(zie www.labri.com ) Verder is hij internationaal bestuurslid van het European Leadership Forum, dat jaarlijks een internationale conferentie belegt in Sopron in Hongarije. Hier proberen zij om met name Oost Europeanen om te scholen tot christen democraten. Er zijn enkele boeken verschenen van zijn hand onder de titel: Ik wou dat ik kon geloven (Kok – Kampen), In dubio (Novapres – Apeldoorn) De kunst van het loslaten' (Kok – Kampen) en Die ver is, is nabij (Kok – Kampen).
De informatie op deze pagina is afkomstig uit het tijdschrift "Groei".
U kunt deze informatie online vinden op http://www.groei.org
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
Stichting Proclama
Postbus 271
3940 AG Doorn
Telefoon 0343 - 449 419
Fax 0343 - 449 418
Email : redactie@groei.org
Bezoekadres: "Het Berghuys"
Bergweg 1
3941 RA Doorn
(alleen na afspraak)